Dierenliefde in Schiedam, Kat in nood!Bron: 'Dierenambulance Rotterdam (Dar)' (22 april 2005)
Een DAR belevenis van een niet medewerker van de DAR.
op 14 april schreef ik (Astrid Offerman) een mailtje naar de DAR, de reden daarvan was dat er op mijn werkplek het st. Jacobsgasthuis (verzorgingshuis in Schiedam) een poesje woonde in de tuin wat er erg ziek uit begon te zien ergens in augustus 2004. Het poesje woonde al meer dan 6 jaar in de tuin. Ze was er geboren en getogen en had een goed leventje. Ze had alles, behalve een mandje en had liefde en aandacht en voedsel genoeg. Dat kreeg ze van het personeel van het verzorgingshuis en van alle bewoners. (De bewoners zijn gemiddeld 85/90jaar). Haar mandje was de kelder van het huis. Zoals gezegd zag ze er vanaf einde zomer 2004 niet zo goed meer uit en het personeel ging proberen om haar te vangen. Na 3 maanden gaven ze het op. Zelf dacht ik met nog wat extra geduld dat het wel zou lukken maar nee, het poesje vertrouwde niemand meer en op gegeven moment schakelde ik de Hargahoeve in. Zij kwamen een vangkooi plaatsen maar deze vangkooi werd totaal genegeerd door het poesje (dat inmiddels Pluis heette). Dan maar geen eten. Een lang verhaal kort, de vangkooi werd weer weggehaald door Hargahoeve met de mededeling dat de poes te slim was. Toen zelf weer aan het tobben geslagen. Bewoners kwamen met flesjes Vetranquil. Ik liep met een handdoek en een kooitje in de tuin. Die handdoek wou ik op haar gooien. Het werd oktober, november, december en ga zo maar door. Tot 14 april ben ik voortdurend bezig om de poes te vangen. Natuurlijk kreeg ze ook weleens rust. Ten einde raad dacht ik aan de Dierenambulance (www.dierenambulancerotterdam.nl). Ik stuurde hen een mailtje en kreeg zo goed als direct een mail terug van de voorzitter, Jan Bungenaar. Dat de DAR wel iemand wilde sturen, maar hij vertelde me dat ze in principe niet voor zulke dingen kwamen. Het is te veel en te tijdrovend werk en dat het niet ten koste zou mogen gaan van andere dieren in nood. Ik was hem dankbaar voor dit antwoord en natuurlijk heb ik alle begrip dat het niet ten kost van of mag gaan van beter 'Pakbare' dieren. Toen kreeg ik een telefoontje van een Dar medewerker, hij wilde wat info, deze gaf ik hem en deze medewerker kwam de volgende dag. Eerst eens poolshoogte nemen van de situatie en kijken naar het poesje. Hij liep de tuin in, het poesje zat op een bankje. Hij kon de poes tot armlengte naderen en roetsjjjj... weg was poes. Hij constateerde op dat moment wel dat de poes er inderdaad erg ziek uit zag en dat ze gevangen moest worden. Tevens gaf hij ons ook het vertrouwen dat de poes écht gevangen ging worden. De wanhoop ebde bij mij een beetje weg want de poes was voor mij, mijn collega's en veel bewoners inmiddels een obsessie aan het worden. Ik kreeg haar maar niet te pakken en de bewoners zagen mij al als het kattenvrouwtje. Elke dag vroegen ze me "En????????!!!!!!!!!!!!! heb je de kat al?????????". Ze werden er ook ongelukkig van. Al mijn vrije tijd ging in het vangen van het poesje zitten, of eigenlijk... proberen het vertrouwen te winnen van het poesje. Dat lukte nog wel bij iedereen eigenlijk, tot op zekere hoogte, te dichtbij komen was wegwezen. De eerst dag dat de Dar-medewerker een vangpoging kwam doen lukte het niet. Pluis had te veel onsnappings holen en de brandgang die waag en wijd open stond richting voortuin. Daar rende de poes dan ook naartoe. De Dar medewerker had zelfs een hond, Cheyenne bij zich. Cheyenne, die mooie naam werd al snel door de bewoners omgedoopt in Boris. Cheyenne vinden ze te moeilijk, daarom maar Boris. Nee hoor... het is Cheyenne ;-). De tweede dag dat hij kwam zat ze nog in de voortuin. En Pluis kroop een ander tochtgat in toen ze hem zag aankomen. s- Avonds zat de poes weer in de binnentuin. | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
De derde dag zat de poes nog steeds in de binnentuin en hadden ik en Nel (dat is een dochter van een van onze bewoners en zij is ook erg begaan met de poes) de tuin omgebouwd tot een fort. Alle roosters dicht gemaakt, brandgang versperd. De poes het platte dak opgedreven en daar gehouden. Het platte dak is ook een branduitgang. De bewoners moeten via het dak, en dan via een trap naar beneden kunnen als er brand zou uitbreken. Nel was om 08.30 begonnen met de tuin ombouwen. Ik kwam na mijn werk de tuin in en samen hebben we de tuin super super beveiligd. Het leek wel en missie! Het moest vandaag lukken om de poes te vangen en medische zorg te geven, het duurde nu al zolang. De Dar medewerker kwam om 1700 uur en Pluis zat nog op het dak. Nel en ik liepen op de toppen van onze zenuwen. De Darmedewerker was erg zeker van zijn zaak en wij werden er
door aangestoken en dat was fijn. Hij toog het platte dak
op, gewapend met een net en een vangstok maar ze ontsnapte hem weer.
Ze glipte langs mij heen, ik stond namelijk halverwege die trap! De
Dar medewerker haastte zich het dak af en ikzelf rende de poes achterna,
de hele tuin door. Godzijdank kwam ze niet door de versperringen
heen. Pluis was bezig zich door een afgesloten tocht-hol te wurmen en
toen de Dar medewerker bij haar arriveerde kon hij haar nog net
bij d'r achterlijfje grijpen en haar in de kooi stoppen. Er werd
gehuild van opluchting. Zelf dacht ik dat iemand haar had aangereden en dat haar kaak aan gruzelementen lag. Ze was per slot niet opgesloten in de tuin en kon zo weglopen de drukke BK-laan op. Maar ook zijn we blij dat Pluis geen pijn meer heeft en niet meer hoeft te lijden. Overigens is pluis netjes gecremeerd omdat de bewoners en het personeel een potje hadden ingezameld voor de Pluis. Na een half jaar iedereen te slim te zijn afgeweest had ze dit wel
verdiend. |
|
Nu tot slot willen wij de DAR bedanken en in het bijzonder ook die medewerker en Cheyenne, voor alle hulp die ons is verleend.! Astrid Offerman | |